Salaris en vergoedingen

De burgemeester ontvangt, ten laste van de gemeente, een salaris, bezoldiging genoemd. Deze bezoldiging is afhankelijk van het aantal inwoners van de gemeente. Bij salarisverhogingen wordt de CAO voor rijksambtenaren gevolgd.

Eindejaars- en vakantie uitkering

De burgemeester heeft recht op een eindejaarsuitkering van 9,8% van de genoten bezoldiging. Daarnaast wordt jaarlijks een éénmalig bedrag van € 450,- uitgekeerd. De burgemeester ontvangt een vakantie-uitkering van 8 % van de genoten bezoldiging.

Ambtstoelage

De ambtstoelage wordt jaarlijks op 1 januari vastgesteld. Per 1 januari 2021 is deze € 412,02 per maand. Uit de ambtstoelage kan de burgemeester kosten betalen voor representatie, vakliteratuur, excursies, bureaukosten, ontvangsten thuis en of zakelijke giften. Kosten voor het lidmaatschap van een beroepsvereniging (zoals het NGB) worden betaald door de gemeente. Een overzicht van welke kosten wel of niet vergoed worden is te vinden in de handreiking integriteit politiek ambtsdragers (onder punt 6 ).

Mobiliteitstoelage

De burgemeester ontvangt, indien hij of zij in een andere gemeente burgemeester wordt, met een vergelijkbaar aantal inwoners, een eenmalige mobiliteitstoelage op de bezoldiging. Hiervoor moeten tenminste twee ambtstermijnen in de vorige gemeente zijn vervuld. De mobiliteitstoelage komt ten laste van de nieuwe gemeente. Per 1 juli 2020 is deze vastgesteld op € 10.476,83.

Nevenfuncties

De burgemeester kan naast de uitoefening van het ambt zowel betaalde als onbetaalde nevenfuncties hebben. De burgemeester meldt zijn of haar voornemen tot aanvaarding van een nevenfunctie aan de raad. Aanvaarde nevenfuncties worden openbaar gemaakt. Ook de eventueel te ontvangen vergoeding voor een nevenfunctie wordt openbaar gemaakt. Vergoedingen boven een bepaald bedrag moeten worden verrekend met het salaris van de burgemeester. De Gemeentewet bepaalt welke functies niet in aanmerking komen voor een nevenfunctie van de burgemeester.

 

Meer weten?

Thema's