15/12 De burgemeester in crisistijd

Toen 10 jaar geleden de eerste Nieuwsbrief crisisbeheersing werd uitgebracht, zat Nederland nog in de naweeën van de Vuurwerkramp in Enschede, de cafébrand in Volendam en de aanslagen in New York en Washington. De rampenbestrijding kreeg door die rampen een enorme impuls, met toenemende aandacht voor de leidende rol van de burgemeester in crisistijd.

Voor burgemeesters zijn deze in het oog springende crises van eminent belang geweest. Bestuurlijk gezien onderstreepte het de noodzaak om de rampenbestrijding en crisisbeheersing te professionaliseren en tot congruente Veiligheidsregio’s te komen. Maar op persoonlijk vlak benadrukte het ook de eigen verantwoordelijkheid die een burgemeester heeft om zijn of haar bevolking te beschermen tegen crises die hen kunnen treffen. Om collega-burgemeesters in dat traject te ondersteunen richtte Jan Mans, als oud-burgemeester van Enschede, samen met zijn voormalig gemeentesecretaris Arjen van Gils en Jaap Pop, oud-burgemeester van Haarlem, het Bestuurlijk Netwerk Crisisbeheersing op. Ervaringen werden uitgewisseld en er ontstond een platform om kennis over de bestuurlijke aspecten van risicobeheersing en crisis management te borgen.

Bestuurlijk Netwerk Crisisbeheersing
Het Bestuurlijk Netwerk Crisisbeheersing is in 2007 opgegaan in het Nederlands Genootschap van Burgemeesters (NGB). Sindsdien kunnen burgemeesters en loco’s dag en nacht een beroep doen op het NGB om bestuurlijke ervaringen van collega’s te benuAen als zijzelf met een crisis worden geconfronteerd. Desgewenst komt het NGB ook ter plaatse, maar veelal is het voldoende om op afstand, via telefoon en e-mail, de belangrijkste collegiale aandachtspunten mee te geven. In de afgelopen jaren heeft het NGB gemiddeld tweemaal per week met burgemeesters contact gehad over uiteenlopende crises. In de ondersteuning die het NGB zoal biedt valt op dat veel van de situaties zich ook richten op de kleine incidenten met een grote maatschappelijke impact. Daarmee is de focus van de fysieke rampenbestrijding steeds verder verbreed naar een nieuw type incidenten. Ook als er bij wijze van spreken geen sirene door de straat rijdt kan een situatie tot de nodige onrust leiden. Denk aan de terugkeer van een zedendelinquent, een ramp op afstand, een brandstichter of een situatie van zinloos geweld. In al die situaties wordt in toenemende mate van de burgemeester verwacht dat hij of zij er staat. Die zichtbare rol van de burgemeester zal naar verwachting ook de komende jaren van groot belang blijven. De burgemeester die bij alle typen crises wordt gezien als het boegbeeld van de overheid. In goede tijden en in slechte tijden. Bij grote rampen, maar ook bij kleine incidenten waarbij de maatschappij op zoek is naar een ankerpunt. In lijn daarmee beslaat het type oefeningen tegenwoordig een breder palet dan vroeger gebruikelijk was. Waar de focus tien jaar geleden nog op de echte rampenbestrijding lag, staan Veiligheidsregio’s en gemeenten in nieuwe oefeningen ook meer en meer stil bij maatschappelijke impact van incidenten. Ook het NGB heeft daarin zijn steentje bijgedragen, door de ervaringen van burgemeesters te verwerken in scenario’s voor de Burgemeestersgame, de serious game die inmiddels zijn weg naar de Veiligheidsregio’s heeft gevonden.

Onderzoeken en evaluaties
In lijn daarmee is crisismanagement de afgelopen jaren nadrukkelijker op het netvlies van het openbaar bestuur komen te staan. De vrijblijvendheid van oefeningen is voorbij, de evaluatie na afloop en de politieke verantwoording hebben aan kracht gewonnen. Waarbij wij wel de verwachting hebben dat de evaluaties in de toekomst minder talrijk in omvang zullen zijn en ook sneller gepubliceerd zullen worden. Waar een commissie Oosting nog tien maanden de tijd kreeg om de onderste steen over de Vuurwerkramp boven te krijgen, lijkt de samenleving tegenwoordig het geduld sneller te verliezen. Een snellere doorloop van de onderzoeken lijkt wenselijk.

Maatschappelijke onrust
Verder hebben onder meer de rellen in Haren en de DigiNotar-crisis laten zien dat we ons ook moeten voorbereiden op nieuwe typen crises. Crises die hun oorsprong vinden in de online-wereld, maar doorwerken in openbare orde verstoringen of – op een heel ander vlak - de kwetsbaarheid van de overheidssystemen blootleggen. Naar verwachting krijgen we de komende jaren steeds beter zicht op de interventiemogelijkheden om online maatschappelijke onrust in te dammen en daarmee te voorkomen dat het overslaat. Het is goed dat ook in het kader van de Nationale Risicobeoordelingen van het Rijk er aandacht voor deze relatief nieuwe ontwikkelingen is. Waarbij ook niet alleen wordt geleerd van eigen ervaringen, maar nadrukkelijk ook wordt gekeken naar de ervaringen uit het buitenland, zoals de rellen in de Franse voorsteden en de rellen die in de zomer van 2011 Groot-Brittannië in zijn greep hielden.

Crisiscommunicatie en juridische kennis
Op het gebied van crisiscommunicatie heeft het NGB de toon gezet door in 2008 met de publicatie Als het op communiceren aankomt te komen, waarin wij de drieslag betekenisgeving, informatievoorziening en schadebeperking in de bestuurlijke setting hebben geïntroduceerd. Inmiddels is deze drieslag gemeengoed geworden in beleidsteams en is duidelijk dat in het merendeel van de gevallen de toegevoegde waarde van de burgemeester ligt in het duiden van een situatie. Hetgeen onverlet laat dat de duiding geen doel op zich is, maar altijd afhankelijk is van de impact die een ramp of crisis met zich meebrengt. Met deze focus op crisiscommunicatie, die het NGB van harte toejuicht, zien wij dat de aandacht voor de juridische kanten van crisisbeheersing in de loop der jaren is ondergesneeuwd. Een af te kondigen noodverordening of af te geven noodbevel leidt her en der nog tot consternatie. Juridische expertise blijkt in de praktijk geen gemeengoed, terwijl de aansprakelijkheid na rampen en crises in toenemende mate in de aandacht staat. Wij pleiten ervoor om de komende jaren juist op dat vlak een been bij te trekken, gezien de importantie van de juridische keuzes voor de nasleep en aQandeling. Want een burgemeester is niet enkel boegbeeld van de geschokte samenleving, maar ook juridisch eindverantwoordelijk voor al hetgeen in het gemeentelijk of regionaal beleidsteam besloten wordt.

Kracht van de massa
Na de rellen in Haren staan de negatieve aspecten van de online mobilisatie van mensen sterk in de belangstelling. Tegelijkertijd hebben we voor de nabije toekomst ook veel verwachtingen van de positieve kanten. Het is de kracht van de massa, die de zelfredzaamheid na rampen ondersteunt. Door elkaar onderdak te bieden, te helpen bij opruimwerkzaamheden, maar ook burgers en experts die na rampen en crises de handen ineenslaan om tot een analyse van de gebeurtenissen te komen. Deze sociale ontwikkelingen zullen in toenemende mate bekrachtigen dat de overheid niet een zelfstandig instituut is, maar juist mét de samenleving aan veiligheid werkt. Want uiteindelijk is het de samenleving waarvoor wij in crisisland aan de lat staan. Of zoals Jan Mans dat in een terugblik op de Vuurwerkramp zelf omschreef: “Ik heb mijn best gedaan om mijzelf te zijn, vertrouwen uit te stralen en mijn gezag op te bouwen en te versterken. Ik hoop dat het de getroffenen de steun heeM gegeven die zij op dat moment van de overheid nodig hadden. Ik heb – naar eer en geweten – mijn best gedaan”. Waarvan akte.

15 december 2012
NGB/Bernt Schneiders Wouter Jong

 

Verder lezen?
Bovenstaand artikel is ook verschenen in het Magazine Nationale Veiligheid en Crisisbeheersing (december 2012)

naar vorige weblog

Kennis delen via twitter | crisisbeheersing | crisiscommunicatie | burgemeesters

 

U bent hier

<div></div>