Kabinet wijst veiligheidsrisicogebieden aan

De ministerraad heeft ingestemd met een ontwerp-besluit van minister Hirsch Ballin van Justitie dat de zogeheten veiligheidsrisicogebieden in Nederland aanwijst. Dit hangt samen met de wet die de mogelijkheden verruimt om terroristische misdrijven op te sporen en te vervolgen. Over de uitvoering van het ontwerp-besluit is overleg met de gemeenten en het OM. De regeling treedt op 1 februari 2007 in werking.

In deze gebieden mogen opsporingsambtenaren zonder bevel van de officier van justitie voertuigen en voorwerpen onderzoeken en personen fouilleren om een terreurdaad te voorkomen. Bij de fouillering van personen is sprake van een ‘lichte’ bevoegdheid die beperkt blijft tot het aftasten van de kleding en zo nodig het onderzoeken van aparte kledingstukken.

Wel zal sprake moeten zijn van aanwijzingen dat een terroristische aanslag wordt voorbereid, en moet toepassing van de bevoegdheid het belang van het onderzoek dienen. Direct optreden van opsporingsambtenaren kan noodzakelijk zijn omdat deze gebieden vanwege hun functie permanent een verhoogd risico lopen.

De veiligheidsrisicogebieden zijn: de centrale stations in de vier grote steden (Rotterdam, Amsterdam, Den Haag en Utrecht), het Binnenhof in Den Haag, de burgerluchthavens, de kerncentrale Borssele en het Mediapark in Hilversum. In het ontwerp-besluit is de ligging van de verschillende veiligheidsrisicogebieden precies omschreven zodat er geen twijfel zal bestaan over de omvang.

bron: www.justitie.nl

U bent hier

<div></div>