06/12 Wet Publieke gezondheid

Het Nederlands Genootschap van Burgemeesters was aanwezig op de recent door VWS georganiseerde burgemeesterbijeenkomsten “crisismanagement bij uitbraak van infectieziekten” in Zwolle en Eindhoven. De bijeenkomsten stonden stil bij de complexiteit rondom crisismanagement bij infectieziekten. De aanleiding was de nieuwe Wet Publieke gezondheid, die per 1 december is ingegaan. Een boodschap was er voor de burgemeesters: “qua uitvoeringsmaatregelen kunt u alles”. Maar ondanks dat ze in het geval van infectieziekten alle denkbare maatregelen kunnen treffen, blijft de complexiteit in de uitvoering aanwezig.

Zo behoort in bijna in elke gemeente gezondheid tot de portefeuille van een wethouder. Hier zou het spanningsveld kunnen optreden tussen de belangen van wethouder en burgemeester. In de koude fase is immers de wethouder aan zet als portefeuillehouder van de GGD, in de warme fase ligt de bal bij de burgemeester, daarin geadviseerd door de Arts Infectieziektebestrijding.

Een ander spanningsveld ligt op het vlak van de crisisbeheersing, als de minister van Volksgezondheid bij grotere uitbraken de crisis naar zich toetrekt. De bevoegdheid ontleent hij aan art 7 lid 1 Wet Publieke gezondheid. De instructies komen bij infectieziekten dus vanuit VWS. De minister mag ervan uitgaan dat de burgemeester het landelijke beleid getrouw uitvoert. Maar in de uitvoering heeft de burgemeester ook te maken met mogelijke openbare orde problemen, die vooral op het terrein van BZK liggen. Als er rellen ontstaan doordat de landelijke maatregelen door de lokale bevolking niet worden geaccepteerd wordt de burgemeester daar op aangesproken.

Openbare orde en infectieziektebestrijding zijn nauw met elkaar verweven. Hoe ondersteunt bijvoorbeeld de minister de burgemeester als deze zijn inwoners moet overtuigen die - vanuit geloofsovertuiging - juist niet willen vaccineren? Dwingend vaccineren opleggen is op Grondwettelijke gronden niet mogelijk, want dat is immers een inbreuk op de integriteit van het menselijk lichaam. Omgekeerd is het dilemma overigens niet veel makkelijker: hoe gaat de burgemeester zijn inwoners overtuigen als door de minister is besloten dat het niet nodig is om te vaccineren, terwijl de inwoners dat wel willen?

Kortom: zelfs al heeft de burgemeester op basis van de nieuwe wetgeving een scala aan nieuwe instrumenten voor het crisismanagement bij infectieziekten, in de uitvoering zijn er nog altijd een aantal complexe vraagstukken te beantwoorden.

6 december 2008
NGB/Roy Johannink & Wouter Jong

 
Reageren?
Reacties op deze weblog zijn welkom. Klik hier om te reageren.

Verder lezen?
Klik door naar het dossier op de website van het RIVM


naar vorige weblog 

 

U bent hier

<div></div>