08/10 Opperbevel en de loco

Incidentevaluaties brengen soms aardige dilemma's aan het licht. In de evaluatie van de stroomstoring in de Bommelerwaard is een aardig dilemma weggestopt in de lopende tekst. Op pag 154 wordt het volgende opgemerkt: "De loco-burgemeesters kunnen “bij verhindering of ontstentenis van de burgemeester” het ambt van de burgemeester volledig waarnemen." Hierbij wordt verwezen naar art 77 Gemeentewet.

In de geschetste situatie was er sprake van dat de burgemeester in het gemeentelijk beleidsteam aanwezig was, terwijl de loco-burgemeester hem verving in het Regionaal Beleidsteam. Juridisch gezien een interessante situatie, omdat de loco-burgemeester zijn 'opperbevel' enkel ontleent aan het verhinderd zijn van de burgemeester. In deze situatie is de burgemeester echter niet verhinderd, maar heeft hij enkel zijn prioriteiten anders gesteld. Wettelijk gezien is het ongewenst als een burgemeester en een loco tegelijkertijd het opperbevelhebberschap bezitten. Het opperbevel kan in principe maar bij een van tweeen liggen.

Is er sprake van dat de loco de burgemeester niet vervangt maar vertegenwoordigt, dan is hij geen opperbevelhebber en zullen alle besluiten in het RBT eerst moeten worden voorgelegd aan de burgemeester. De loco werkt dan ondergeschikt ten opzichte van de burgemeester/opperbevelhebber. Deze opmerking die in de tekst tussen neus en lippen wordt gemaakt, heeft juridisch gezien dus de nodige implicaties voor de zeggenschap van een RBT, zeker als dat bestaat uit vertegenwoordigende wethouders. Een interessante gedachte om vast te houden in de Waterproef-oefening van november, waar op diverse plekken wordt geoefend met een RBT-situatie.

Los van deze juridische werkelijkheid is er recentelijk sowieso het nodige te doen rond de term 'opperbevelhebber'. Op het NGB-congres sprak de gemeentesecretaris van Den Bosch over een onderzoek dat het Veiligheidsberaad heeft uitgevoerd naar de Gemeentelijke Deelprocessen. Volgens de gemeentesecretaris gaan er stemmen op die vinden dat de term "opperbevel" niet langer de lading niet dekt, omdat het suggereert dat een burgemeester de vinger in de pap heeft in processen waar hij zich niet mee zou moeten bemoeien. Juridisch gezien is dat een opmerkelijke gedachte; weliswaar is het beter wanneer een burgemeester zich niet met de operatie van bijv. de brandbestrijding bemoeit, maar wettelijk gezien ligt dat wel in zijn macht. Het "opperbevel" dekt dus wel degelijk de feitelijke lading.

Bovendien geeft de Memorie van Toelichting van de Wet Rampen en zware ongevallen een heldere uitleg van de definitie "opperbevel". Volgens de MvT heeft het "operbevel' twee betekenissen. "Enerzijds geldt zij de politieke en bestuurlijke verantwoordelijkheid, anderzijds heeft zij betrekking op de zeggenschap over ieder die aan de bestrijding deelneemt, zulks in het bijzonder met het oog op een goede coordinatie. Het gaat daarbij dan vooral om de bevelvoering en de coordinatie in algemene, niet technische zin, dat wil zeggen met name op het stellen van prioriteiten in de bestrijding." (MvTII, 16 978, nr 3, p.13)

Ook in de MvT zie ik geen duidelijk aanknopingspunt om vol te houden dat de definitie niet langer zou voldoen.

8 oktober 2008
NGB/Wouter Jong

Reageren?
Reacties op deze weblog zijn welkom. Klik hier om te reageren.

Verder lezen?
Klik door naar een eerdere weblog over de loco en het opperbevel 

naar vorige weblog 

 

U bent hier

<div></div>