Tijdelijke wet maatregelen covid-19: reactie VNG en NGB

Met het wetsvoorstel Tijdelijke wet maatregelen covid-19 wil het kabinet voor de langere termijn maatregelen ter bestrijding van coronavirus vorm geven. De VNG en NGB signaleren dat er te weinig sturingsmogelijkheden voor gemeenten komen die bovendien niet zijn voorzien van een democratische legitimatie op lokaal niveau.

 

Wetsvoorstel

De minister van Justitie en Veiligheid kondigde op 1 mei 2020 nieuwe, aanvullende wetgeving aan om maatregelen te kunnen nemen ter bestrijding van covid-19. Deze wet moet in de plaats komen van de op dit moment geldende noodverordeningen van de voorzitters van de veiligheidsregio’s. Het wetsvoorstel voorziet in een basis om, vooral via ministeriële regelingen, snel te kunnen handelen ter bescherming van de volksgezondheid. Daarnaast is voorzien in de behoefte om op gemeentelijk niveau afwegingen te maken over de toepassing van maatregelen. Ook bevat het wetsvoorstel een specifieke wettelijke grondslag om de grondrechten te beperken.

 

Standpunt VNG en NGB

De VNG en NGB hebben op verzoek van de ministers van BZK, JenV en VWS gereageerd op dit wetsvoorstel. Onze belangrijkste opmerkingen zijn:

  • Wij vinden het positief dat gemeenten meer dan volgens de huidige crisisstructuur in positie worden gebracht. Maar het wetsvoorstel biedt te weinig ruimte voor lokaal maatwerk. Ook gemeenten moeten in de volgende fase het volksgezondheidsbelang én maatschappelijke en economische belangen kunnen afwegen en beslissen welke maatregelen dan nodig zijn. Bij een te sterke regulering op centraal niveau, is die afweging niet mogelijk.
  • Democratische legitimatie van maatregelen op gemeentelijk niveau is niet geborgd. Lokaal zijn alleen ontheffingen mogelijk. Daarmee hebben alleen burgemeesters nog enige zeggenschap. Wethouders en gemeenteraden moeten beter bij de besluitvorming op lokaal niveau worden betrokken. Wij doen een tekstvoorstel voor aanvulling van de wet.
  • Er is niet voorzien in voldoende afstemming tussen de bevoegdheden van de minister, veiligheidsregio’s en de burgemeester. Wij vinden het noodzakelijk bij de bevoegdheidsuitoefening aansluiting te zoeken bij de bestaande mogelijkheden tot intergemeentelijk overleg.
  • De burgmeester is belast met het toezicht op de naleving van de open zorgplicht voor publieke plaatsen. Dit vraagt veel van de gemeentelijke handhavingscapaciteit. Wij vragen het Rijk nadrukkelijk om ondersteuning bij en financiële compensatie voor het uitoefenen van dit toezicht.

 

Het concept van het wetsvoorstel is niet openbaar en kunnen wij derhalve niet publiceren. Zodra de ministers de wet aan de Tweede Kamer sturen is het document voor een ieder in te zien. Het is vooralsnog de bedoeling dat de wet voor het zomerreces van de Eerste Kamer van kracht wordt.

 

Meer informatie

Voor de gezamenlijke reactie van VNG en NGB klikt u hier.

 

 

U bent hier

<div></div>