'Hulp vragen hoort ook bij regie nemen'

Ze maakte het een en ander mee als burgemeester en wethouder, maar een doodsbedreiging deed Letty Demmers, nu ombudsfunctionaris bij de Nationale Politie, beseffen dat een grens was overschreden. Als lid van het Ondersteuningsteam wil ze bestuurders ervan doordringen dat agressie en intimidatie op de agenda moet staan. Niet alleen na een incident, maar juist in de koude fase. 
‘Gelukkig is er veel veranderd’, zegt Letty Demmers. ‘In mijn eerste jaren als burgemeester, eind jaren negentig, waren er weinig vrouwelijke collega’s. Ik kwam terecht in een mannenwereld waar alleen maar gesproken werd over hoe goed het met iedereen ging. Toen een vrouwelijke collega tijdens een bijeenkomst met burgemeesters eens aangaf dat ze iets nogal lastig vond, werd het stil. Toen ik zelf aangifte deed na een doodsbedreiging, reageerden sommige mannelijke collega’s met de woorden “Moet dat nou?”’


Doodsbedreiging
Het was in 2003 toen Demmers als burgemeester van het Brabantse Best een serieuze doodsbedreiging op haar bordje kreeg. Haar besluit om de vrijheden die woonwagenbewoners zelf dachten te hebben in te perken, resulteerde in een spandoek over de A2 met daarop de mededeling dat de burgemeester dood moest. Zelf heeft ze het niet gezien, de politie was er snel bij en verwijderde het spandoek direct.
‘In die tijd hoorde agressie en intimidatie bij ons vak, zo werd altijd gedacht. Maar gelukkig gaf de betreffende politieagent toen meteen aan dat dit niet normaal was. Guusje ter Horst, toen minister van Binnenlandse Zaken, heeft de kwestie direct opgepakt en mij aangeraden om door te zetten met de aangifte. Ik wist niet waar ik aan begon, maar ik heb het wel gedaan.’

Beveiliging
Het resultaat mocht er wezen. De officier van justitie kwam bij Demmers thuis, politieauto’s stonden voor de deur, er werden overal camera’s opgehangen, haar puberkinderen moesten steeds aangeven waar ze naartoe gingen en kregen zelfs het verzoek om hun balkondeuren dicht te houden. Zelf kreeg Demmers het dringende advies om op wisselende tijden naar het gemeentehuis te gaan, en ook om verschillende rijroutes af te wisselen. Als ze haar hond uitliet, wandelde een politieagent mee. 
‘Ik moest eraan wennen’, zegt ze, ‘maar ik heb het ook enorm gewaardeerd hoe de politie te werk ging. Ik realiseerde me later ook dat het erg belangrijk is om je open te stellen voor beveiliging. Gelukkig lukte me dat wel. Het is een samenspel tussen jou en hen. Jij moet hen vertrouwen, zij jou. Het wordt lastig voor hen als je zelf het idee hebt dat je aan de beveiligers moet ontsnappen.’

Hoge bomen
De jaren voor deze bedreiging was Demmers, zoals ze het zelf noemt, nogal naïef. Ze herinnert zich nog het moment dat in 1994, toen ze wethouder was in Bergen op Zoom, een lid van een motorclub zo maar haar kantoor binnenliep. De bode riep tegen de man dat dit niet de bedoeling was, maar Demmers zelf bleef rustig, zei de man dat hij rustig moest gaan zitten en bood hem koffie aan. ‘Dit soort gedrag was toen vrij normaal, ik dacht niet aan escalaties en de gevolgen daarvan.’
Na drie jaar wethouder en zeventien jaar burgemeester te zijn geweest, weet ze wel beter. ‘Zeker met de komst van social media is het aantal bedreigingen en intimidaties alleen maar toegenomen en worden grenzen overschreden. Maar tegelijkertijd staat het onderwerp ook steeds vaker op de agenda. Er wordt over gesproken, het is niet meer gemeengoed dat hoge bomen nou eenmaal veel wind vangen.’
Zelf was ze in de gelukkige omstandigheid dat ‘haar’ gemeenteraad in Best destijds niet moeilijk deed over de financiering van haar beveiliging. ‘Ik weet dat collega’s die iets soortgelijks meemaakten, en geen goede relatie hadden met de gemeenteraad, daar problemen mee hadden.’ En, minstens zo belangrijk, ze had veel steun aan wijlen Rein Welschen, destijds burgemeester van Eindhoven. ‘Bij hem kon ik mijn verhaal kwijt, hij moedigde me aan om erover te praten.’

Impact
Want een doodsbedreiging doet wat met je, én met je gezin, ook al besef je dat op dat moment nog niet, zegt Demmers. Zelf realiseerde ze zich pas een jaar later dat de impact groter was dan ze vermoedde. Ze ziet het nog voor zich, dat moment dat ze een van de kinderen van de dader in de supermarkt tegenkwam. ‘Ojee, dacht ik. Ze kunnen mij ervan beschuldigen dat hun vader vast heeft gezeten (de man kreeg een gevangenisstraf van een paar maanden, MvB). Ik ben snel een ander pad ingeslagen. Hoe dan ook, ik was alerter en voorzichtiger geworden.’

Zuivere beslissingen
Ze heeft er veel van geleerd, zegt ze. ‘Praten is zo belangrijk. Als je het niet van je af kunt praten, wordt het een beletsel in je werk en kun je geen zuivere beslissingen meer nemen. Op die manier worden de wortels onder onze rechtsstaat doorgesneden. Praten helpt ook om je gedachten te stoppen dat je misschien gek bent, omdat je van binnen geraakt wordt door een bedreiging. Het doet goed als iemand dan zegt dat het heel menselijk is dat je vaker over je schouder kijkt, of dat je je afvraagt wat die stilstaande auto voor je huis doet.’
‘Maar’, benadrukt ze, ‘ik heb ook geleerd dat je best even wantrouwig mag zijn, maar dat het niet je overwegende levenshouding moet zijn. Ik ben altijd blijven uitgaan van vertrouwen. Zo gauw dat verandert, word je een andere bestuurder. Ook moet je het vertrouwen hebben dat als er iets gebeurt, er mensen zijn die je helpen. Gelukkig bleef ik positief wat dat betreft en kon ik mijn werk goed blijven doen. Ook het beleid richting de woonwagenbewoners heb ik consequent doorgezet.’

Weerbaarheid definiëren
Maak het onderwerp bespreekbaar, is haar devies. In de samenleving, maar zeker ook in de lokale democratie. ‘Je moet samen een norm afspreken: hoe gaan we met dit soort zaken om? Dat kan voor elke gemeente anders zijn, maar heb het er wel over. Ook de term “weerbaarheid” moet samen gedefinieerd worden. Weerbaar zijn is niet “alles normaal vinden”, maar grenzen stellen met elkaar en voor jezelf aangeven waar jóuw grens ligt. Durf het gesprek daarover te voeren en respecteer elkaars grenzen, zonder die te veroordelen.’
Daarom is Demmers ook enthousiast over het Netwerk Weerbaar Bestuur, en dan met name over het Ondersteuningsteam. Zelf bezocht ze namens het Ondersteuningsteam burgemeesters die iets soortgelijks als zijzelf meemaakten. ‘Als je je persoonlijke verhaal deelt met iemand die het ook heeft meegemaakt kun je beter sparren.’ Ook sprak Demmers met burgemeesters die van start gingen in een nieuwe gemeente. ‘Dat vond men prettig, juist omdat er dan gesproken wordt vóórdat er iets aan de hand is. Ik benadruk dan altijd dat agressie en intimidatie er niet bij horen en dat het niet normaal gevonden mag worden.’

Koude fase
Ze benadrukt dat praten in de koude fase minstens zo belangrijk is dan de gesprekken ná een incident. Toen Demmers zelf nog als burgemeester actief was, zette ze het onderwerp gewoontegetrouw pas op de agenda als er iets aan de hand was. Pas toen ze besloot haar eigen ervaringen te delen in het seniorenconvent, merkte ze dat er iets veranderde. Wethouders en raadsleden die vervelende ervaringen hadden klopten bij haar aan. ‘Omdat ik er zelf over begon, voelden zij zich vertrouwd om hier ook het gesprek over aan te gaan.’
De tijden zijn veranderd, het onderwerp is actueler. ‘Net als het onderwerp “Integriteit” kun je dit onderwerp ook regelmatig op de agenda zetten. Hoe zit iedereen erbij? Ben je ergens tegenaan gelopen? Maar ook specifiek op momenten als er iets te gebeuren staat, zoals het sluiten van panden of kwesties rondom vuurwerk.’

Handelingsperspectief
Demmers adviseert nieuwe gemeenteraden dan ook om iemand van het Ondersteuningsteam uit te nodigen, zodat mensen handelingsperspectief krijgen. Weten welke protocollen er zijn, wat ze moeten doen in het geval dat er agressie of intimidatie speelt. ‘Niets is zo vervelend als niets kunnen doen. Politieagenten die bij een zwaar ongeluk kunnen handelen, blijken later minder last te hebben van verschijnselen van een posttraumatische stressstoornis dan degenen die erbij stonden en niets konden doen.’
Wat een handelingsperspectief concreet betekent voor een bestuurder? ‘Praat er over als je ergens mee zit, denk na over waar je gaat wonen, laat een woningscan uitvoeren, weet welk nummer je kunt bellen als er iets gebeurt. Dat betekent ook dat politie en Openbaar Ministerie direct actie ondernemen áls er dan gebeld wordt, en niet zeggen de volgende dag terug te bellen. Dat moet goed geregeld zijn. Weet ook bij wie je in jouw gemeente terechtkunt om te praten, weet hoe die nazorg georganiseerd is. Als je dit soort zaken op een rijtje hebt, kun je zelf de regie pakken. Hulp durven vragen hoort daar ook bij.’ 
Ze ziet het te vaak, dat een bestuurder na een incident zichzelf herpakt en gewoon doorgaat alsof er niets gebeurd is. ‘Stoer verder gaan met je werk, en roepen dat je de autodeuren wel op slot doet terwijl je rijdt, is niet de oplossing. Als je er niet over praat, gaat het aan je vreten en wordt het steeds groter. Dat zijn de mensen die later stil worden, afhaken of achteropraken en uiteindelijk onder het mom van een ‘andere uitdaging’ vertrekken. Dus schaam je er niet voor, dit soort gedrag hoort niet te gebeuren, maar het is helaas wel een feit.’

Meer informatie
Dit interview is de tweede in een reeks vraaggesprekken met bestuurders en volksvertegenwoordigers over hoe zij omgingen met agressie en intimidatie maar ook hoe zij ondersteuning geven aan collega's die te maken krijgen met agressie, intimidatie en geweld. 
Het interview is gemaakt door Marielle van Bussel in opdracht van het Ondersteuningsteam (Nederlands Genootschap van Burgemeesters, Nederlandse Vereniging voor Raadsleden en Wethoudersvereniging) Netwerk Weerbaar Bestuur. 

Contact
Wanneer u te maken krijgt met agressie en intimidatie kunt u 24/7 contact opnemen met het Ondersteuningsteam Weerbaar Bestuur. Het Ondersteuningsteam is telefonisch bereikbaar op 070-373 8314. U komt dan in contact met een van onze vertrouwenspersonen. 

U bent hier

<div></div>