16/09 Artikel 39 van de Wet Veiligheidsregios

In het Magazine Nationale Veiligheid en Crisisbeheersing (augustus 2011) staat een artikel van Rob Willems en Bertruke Wein van de Radboud Universiteit Nijmegen over de eerste oefenervaringen met de regioburgemeester. De focus ligt op de reikwijdte van art 39 Wvr.

Het beeld wordt geschetst dat de Wet Veiligheidsregio's niet uitblinkt in eenduidigheid. Dat is een punt van herkenning, omdat ook het NGB in de loop der tijd op verschillende inconsistenties in de wet is gestuit. Zoals de burgemeester die in artikel 5 Wvr alleen het opperbevel over rampen (en niet over crises) krijgt, terwijl hij/zij volgens artikel 7 lid 1 Wvr wel geacht wordt om te communiceren over crises. Of het eerder aangestipte punt over de noodverordening in een fase waarin het Regionaal Beleidsteam operationeel is (zie weblog "Noodverordening bij GRIP4").

In een oefening in Groningen ging het om een gijzeling van de Pakjesboot van Sinterklaas in gemeente A. Daarbij wordt de vraag gesteld wie in een GRIP4 situatie in de driehoek plaatsnemen als er sprake is van een incident met een strafrechtelijke component. Mijns inziens is de wet helder: in art 39 lid 1 sub c Wvr staat dat het gezag van de burgemeester over de politie (artikel 12 lid 1 Politiewet) ook over gaat naar de regiovoorzitter. De driehoek bestaat in dat geval dus uit Hoofdofficier van Justitie, de korpschef en de regiovoorzitter. Voor zover wenselijk kan de lokale burgemeester aanschuiven in hoedanigheid van adviseur, maar deze zal geen beslissingsbevoegdheid hebben. Voor de afstemming tussen driehoek enerzijds en beleidsteam anderzijds gelden de normale verhoudingen. Daarmee is ten opzichte van de komst van de Wvr niets veranderd; de driehoek richt zich op het belang om de situatie tot een goed einde te brengen, het beleidsteam richt zich op de neveneffecten van de gijzeling zonder zich in de opsporing te mengen. Dit is ook hoe het in de Bestuurlijke Netwerkkaart Rampenbestrijding Algemeen staat beschreven.

Een tweede RBT-oefening vond in Friesland plaats. Daar was de vraag hoe men dient om te gaan met een Elfstedentocht waarbij de regiovoorzitter geen vrees voor het ontstaan van een ramp of crisis heeft, terwijl een lokale burgemeester dat wel heeft. Het is een enigszins semantische kwestie. Allereerst ging het scenario uit van een GRIP4-situatie, waarin het RBT al bijeen was. Dus blijkbaar was voorafgaande aan het overleg daadwerkelijk vrees voor het ontstaan van een ramp. Mocht de voorzitter tot het inzicht komen dat de vrees ongegrond is, terwijl individuele burgemeesters voet bij stuk houden, dan bestaat de vrees als zodanig in het RBT. In dat geval lijkt het niet disproportioneel om toch conform artikel 39 Wvr te handelen en een It giet oan uit te spreken. Is de vrees in het geheel niet aanwezig, dan is een RBT-setting ook niet passend. Dan zou het beter zijn om een reguliere vergadering van betrokken Elfsteden-gemeenten te organiseren, waarin de burgemeester van Leeuwarden gelijke is onder de collega-burgemeesters.

Tot slot deel ik het punt met de onderzoekers dat interregionaal de verhoudingen tussen veiligheidsregio's bij regiogrensoverschrijdende rampen (zoals Moerdijk) onvoldoende geregeld zijn. En ik deel ook de verwondering over de noodverordening in Moerdijk, die destijds was ondertekend door zowel de (loco)burgemeester als de voorzitter van de Veiligheidsregio Midden- en West-Brabant. Die had - uiteraard - alleen moeten worden ondertekend door de voorzitter van de Veiligheidsregio, want de bevoegdheid tot het afkondigen van noodverordeningen komt krachtens art 39 lid 1 sub b Wvr bij uitsluiting de voorzitter toe.

16 september 2011
NGB/Wouter Jong

 

Verder lezen?
Lees hier een naschrift van Rob Willems en Bertruke Wein. In de reactie sluiten ze aan bij eerdere opmerkingen van Hennekes, die in een reactie in Gemeentestem eerder pleitte voor de terugkeer van een variant op de rampverklaring uit de oude Rampenwet.

naar vorige weblog

Kennis delen via twitter | crisisbeheersing | crisiscommunicatie | burgemeesters

U bent hier

<div></div>