Sluiten drugspanden (Damocles)

Artikel 13b Opiumwet

1.De burgemeester is bevoegd tot oplegging van een last onder bestuursdwang indien in woningen of lokalen dan wel in of op bij woningen of zodanige lokalen behorende erven een middel als bedoeld in lijst I of II wordt verkocht, afgeleverd of verstrekt dan wel daartoe aanwezig is.
 
2. Het eerste lid is niet van toepassing indien woningen, lokalen of erven als bedoeld in het eerste lid, gebruikt worden ter uitoefening van de artsenijbereidkunst, de geneeskunst, de tandheelkunst of de diergeneeskunde door onderscheidenlijk apothekers, artsen, tandartsen of dierenartsen. 


__________

 
Artikel 13b Opiumwet, ook wel aangehaald als de Wet Damocles
, biedt de burgemeester de mogelijkheid drugspanden te sluiten. De burgemeester kan op basis van de wet bestuursdwang toepassen en woningen of voor het publiek toegankelijke inrichtingen te sluiten als daar sprake is van drugshandel. Bijzonder aan deze bepaling is dat niet hoeft te worden aangetoond dat de openbare orde in het geding is. Louter de aanwezigheid van drugs boven de normen voor eigen gebruik in de woningen vormt al voldoende rechtvaardiging om de woning of het lokaal te sluiten. Het gaat hier om een sluiting voor bepaalde tijd, waarbij de burgemeester betrokkene eerst moet waarschuwen en op de hoogte moet stellen van de geconstateerde overlast, alvorens hij kan besluiten tot sluiting. Na de sluiting kan het college de Wet Victor toepassen om het pand te onteigenen. Zie hiervoor de beschrijving bij de Wet Victoria.

Wanneer er bij de wet verboden misstanden in een coffeeshop worden aangetroffen omdat bijvoorbeeld harddrugs worden verhandeld kan tot sluiting of intrekking van de vergunning worden overgegaan. Ook wanneer er echter geen sprake is van bij de wet verboden activiteiten of overlast, maar wanneer de regels zoals die zijn vastgelegd in het lokale coffeeshopbeleid worden overtreden, biedt artikel 13b van de Opiumwet uitkomst.

In december 2013 kwam de Raad van State met een uitspraak (ECLI:NL:RVS:2013:2362) over een wietplantage in een woning in Purmerend. In die casus werd toegestaan dat de woning werd gesloten. Tot die uitspraak was onduidelijk of het recht op eerbiediging van de persoonlijke levenssfeer (art 8 EVRM) niet prevaleerde boven het sluiten van de woning vanwege de plantage. 

Het Centrum Criminaliteitspreventie en Veiligheid (CCV) heeft een Stappenplan opgesteld voor het bestuurlijk optreden op grond van artikel 13b Opiumwet. De gemeente dient, voordat artikel 13b wordt toegepast, conform de Memorie van Toelichting, (coffeeshop)beleid te hebben geformuleerd en vastgesteld.

Casuistiek

Casus: Sluiting van coffeeshop waar drugs worden verhandeld
Ingevolge artikel 13b van de Opiumwet heeft de burgemeester van Franekeradeel bestuursdwang toegepast. Dit is mogelijk indien in voor het publiek toegankelijke lokalen en daarbij behorende erven een middel als bedoeld in lijst I of II wordt verkocht, afgeleverd, of verstrekt dan wel daartoe aanwezig is.
Ingevolge artikel 5.6, tweede lid, sub c, van de Drank- en Horecaverordening Franekeradeel is ook het verlof tot het verstrekken van alcoholvrije drank ingetrokken, omdat zich in het betrokken bedrijf feiten hebben voorgedaan die de vrees wettigen dat het van kracht blijven van het verlof gevaar zou opleveren voor de openbare orde, veiligheid of zedelijkheid. Klik door voor de volledige uitspraak in deze casus.

Casus: Woning gesloten na drugsvondst
Op last van de burgemeester van Amsterdam is een woning gesloten, waar een grote hoeveelheid drugs is gevonden (446,42 kg hennep met een straatwaarde van rond de 1,5 miljoen euro). Door de aanwezigheid van de verdovende middelen is de openbare orde in het geding.
De leefomgeving in de buurt is onnodig in gevaar gebracht. In de directe nabijheid van het perceel is een basisschool gevestigd. De drugs zijn na de inval direct uit de woning weggenomen. Het is echter niet uit te sluiten dat de woning deel uit maakt van een crimineel circuit en daarom wordt de woning voor 3 maanden gesloten. De huurder van het pand was eruit op het moment van de sluiting.
Artikel 13b Opiumwet geeft de mogelijkheid om bestuursdwang toe te passen bij publiek toegankelijke inrichtingen waar een hoeveelheid (soft)drugs wordt aangetroffen die bestemd is voor de handel. Artikel 13b Opiumwet geeft de mogelijkheid in dergelijke gevallen ook bestuursdwang toe te passen bij woningen. Klik door voor de uitspraak van het verzoek tot een voorlopige voorziening (kort geding) in deze zaak.

Casus: Sluiting belhuis in verband met handel in drugs
De politie vindt bij een controle in een belhuis in Rotterdam een handelshoeveelheid harddrugs. Bovendien constateert de politie aanwezigheid en overlast van drugsdealers en –gebruikers in de nabijheid van het belhuis. De buurtagent waarschuwt het belhuis voor mogelijke sluiting. In aansluiting op het Handhavingsarrangement Horeca uit de gemeentelijke Horecanota besluit de burgemeester het pand voor zes maanden te sluiten, hoewel het pand geen Horecavestiging betreft. De periode is gekozen om de loop uit het pand te halen en de bekendheid als verkooppunt te verminderen. Klik door voor de volledige uitspraak in deze casus.

Casus: Sluiting coffeeshop in Zutphen na aantreffen drugsvoorraad in bovenwoning
In Zutphen sluit de burgemeester een coffeeshop voor drie maanden. De grote hoeveelheid aangetroffen softdrugs (meer dan 69 kilo) in de bovenwoning (!) van een coffeeshop te Zutphen maakt dat de burgemeester van Zutphen ook de onderliggende coffeeshop onmiddellijk mag sluiten voor een periode van drie maanden. Zie LJN: BM8660.

Casus: Sluiting hennepkwekerij niet toegestaan op basis van Opiumwet 13b
Burgemeester blijkt niet bevoegd te zijn om woning te sluiten op grond van artikel 13b van de Opiumwet vanwege een hennepkwekerij. Bij dit voorlopig oordeel heeft de voorzieningenrechter de wetsgeschiedenis betrokken. In de Tweede Kamer heeft de Minister gezegd dat artikel 13b van de Opiumwet niet is bedoeld om illegale wietteelt aan te pakken. Zie LJN: BP6668

Casus: Sluiting hennepkwekerij wel toegestaan op basis van Opiumwet 13b
Burgemeester van Purmerend is bevoegd een woning te sluiten waar zich een hennepkwekerij bevindt. "De burgemeester heeft verder voldoende rekening gehouden met de belangen van [wederpartij A], [wederpartij B] en de andere bewoners van de woning. Daartoe wordt overwogen dat in de woning geen minderjarige kinderen wonen en [zuster van [wederpartij B] over een andere woning beschikt, waarin zij en de andere bewoners van de woning, die, met uitzondering van [wederpartij A], aan haar verwant zijn, gedurende de sluiting konden verblijven. Gelet hierop, op de aangetroffen hoeveelheid hennep, op de eerder in de woning aangetroffen hennepkwekerij en op het verband met de in 2010 aangetroffen hennepkwekerij aan de Merwedestraat, heeft de burgemeester in redelijkheid meer gewicht kunnen toekennen aan het algemeen belang bij sluiting van de woning dan aan het belang van [wederpartij A], [wederpartij B] en de andere bewoners bij het kunnen verblijven in de woning. Zie ECLI:NL:RVS:2013:2362

 

Verder lezen?

U bent hier

<div></div>